

Het verhaal van
Sjan
“Ik had nooit gedacht dat ik Santiago de Compostella zou kunnen uitlopen met mijn knieartrose.”
Sjan van den Berg is 70 en wandelt al haar hele leven. Duursporten passen bij haar; ze houdt van lange tochten en van buiten zijn. Maar haar knieën werkten niet altijd mee. “Ik heb in beide knieën artrose vastgesteld, als gevolg van een trauma”, vertelt ze.
Op haar 24e raakte haar linkerknie flink beschadigd bij een ongeval. Er volgden operaties en jaren waarin ze wel kon lopen, maar springen, skiën en explosieve sporten achter zich liet.
Vanaf haar 55e namen de knieklachten toe. Stijfheid, vocht, pijn: het werd langzaam meer. De oude blessure had invloed op beide knieën. Toch bleef wandelen haar belangrijkste hobby. Ze liep eerder de Nacht van de Vluchteling en langeafstandsroutes in Nederland en het buitenland.
Meer klachten na de Vierdaagse
In 2024 merkte ze na de Nijmeegse Vierdaagse dat het anders ging. Een van haar knieën raakte geïrriteerd en bleef dik. Ze kreeg een cortisone-injectie. “Volgens de arts was dat vanaf nu wel elke drie maanden nodig.” Het vooruitzicht van een nieuwe knie hing in de lucht. Haar eerste reactie? “Dat zullen we nog wel zien.” Ze is eigenwijs, zegt ze, en heeft door de jaren heen vaker tegenslag overwonnen.
Sjan wilde blijven bewegen en zich voorbereiden op een droom die al langer speelde. Ze had net haar huis verkocht en wilde naar het Spaanse Santiago de Compostela wandelen. Een lange tocht van 640 kilometer, van Lissabon naar Santiago. De vraag was alleen: kan die knie dat aan?


Voorbereiden met het knieartrose-programma
Ze kwam in aanraking met het knieartrose-programma, werd er nieuwsgierig naar en besloot het te proberen. “Het programma zoomt in op de breedte: je bent meer dan alleen je knieklachten. We gaan doen wat je kunt.”
De oefeningen hielpen haar om sterker te worden en gaven structuur aan haar training. “Drie keer in de week doe ik de oefeningen. Op de laptop of de telefoon kan ik het programma helemaal volgen. Dat geeft me echt een zetje: je bent er zo serieus mee bezig.”



Sterker dan ze dacht
In de maanden voor vertrek trainde ze met zorg, bouwde ze rustig op en leerde ze beter doseren. Ze wilde voorkomen dat ze te snel ging. Ze merkte dat haar hele lichaam er baat bij had. “Behalve de knieën deed het ook heel veel met mijn core stability. Mijn evenwicht en balans werden beter.” Dat was precies wat ze nodig had voor een tocht over bergen, dalen en onregelmatige paden. Dat hielp haar vertrouwen terug te krijgen.
Inmiddels is ze terug uit Spanje. Zonder wandelblessures. En zonder terugkerende knieklachten. “Ik ben 70, en ik heb toch aardig wat kilometers gelopen het afgelopen jaar. Vergeleken met veel wandelaars heb ik een sterk lijf en ik loop goed.” Ze liep de route van 640 kilometer in 30 wandeldagen en liep dus gemiddeld 20 kilometer per dag. “Zonder pijnlijke knieën, enkels, heupen of rug. En daar ben ik best trots op. Mede dankzij de oefeningen, die hebben me sterker gemaakt.”

Het totaalplaatje
Wat haar vooral aanspreekt, is dat het programma verder kijkt dan alleen de knie. “Het is het totaalplaatje. Dat vind ik het mooie van het programma.” Ze let op voeding, op herstel en op hoe ze beweegt. En het idee dat er altijd nog een kunstknie mogelijk is, geeft rust, maar is niet het doel.
Sjan heeft haar doel gehaald, naar Santiago wandelen, maar ook nu wil ze haar lijf sterk houden. “Ik blijf lopen, en ik blijf ook de oefeningen geregeld doen. Als je ouder wordt, moet je zelf ook goed in beweging blijven.”



